Zomertijd


‘s Ochtends vroeg op de camping mocht ik altijd broodjes halen bij de campingwinkel. Nadat ik uit mijn eigen tentje gebrand was ging ik dan op pad. Wat voelde ik me groot. Alleen in een eigen tentje kamperen, gedecoreerd met boeken en knuffels (en nog geen meter naast de vouwwagen), en ook nog eens alleen broodjes halen in Frankrijk! Niet dat ik Frans kon spreken, maar dat maakte niet uit. Ik wees gewoon de croissantjes aan en stak vier mini vingers op. En dan gaf ik een vuistje vol geld aan de kassa mevrouw en dat was dat.

De geur van stokbrood, een lekkere jam op een vers croissantje, en gezamenlijk aan de uitklaptafel in de warme ochtendzon. Wat een heerlijke herinneringen! En dan in de middag lekker schelpen zoeken aan zee met mama, en zandkastelen bouwen met papa. Want papa bouwde de mooiste zandkastelen, met tunnels en grachten. De zee was van mij. “Mijn zee,” zo noemde ik het vroeger altijd.

Zelfs toen ik ouder werd, en de schelpen en zandkastelen werden ingeruild voor cocktails en zonnebaden, was de zee nog steeds van mij. Waar mijn vriendinnen uren in de zon lagen te bakken, lag ik zo gerust een half uur met mijn ogen dicht in de zee te drijven. Om daarna weer een half uur lang tegen de stroming in terug naar ons plekje te moeten zwemmen. Maar nog steeds vind ik niks mooier, niks overweldigender, dan zwemmen in zee. De ongelooflijke kracht van de golven en de stroming… het maakt me klein. Niet alleen in mijn gevoel, maar ook in de werkelijkheid.

Het geluid van zeemeeuwen, de geur van zonnebrandolie, en de eerste windmolens die opdoemen aan de horizon… stuk voor stuk verraden ze dat we er bijna weer zijn. Aan de kust. Het zijn de kleine dingen, om weer een flink cliché in de strijd te gooien, maar deze kleine herinneringen maken me zo gelukkig. Hoe mooi is dat?

HOMEMADE LEMONADE // Citroen Limonade Recept

Ik ben enorm fan van lekkere frisse citroen schijfjes in mijn water, een takje munt erbij en hoppa: het beste zomerse drankje tegen de dorst. Het smaakt net zo fris als limonade, en is natuurlijk veel gezonder. Dit zette me aan het denken, want hoe moeilijk kan het nou zijn om zelf échte citroen limonade te maken? Supermarkt-limonade vind ik nagenoeg nooit lekker. Het smaakt nooit naar de “naam,” en de “natuurlijke smaak” wordt gemaakt met louter smaakstoffen. Tja… Na een beetje zoeken op Le Interwebs kwam ik erachter dat het super simpel is om van verse citroenen limonade te maken. Bovendien heb je in principe maar twee andere ingrediënten nodig: suiker en water.

Omdat ik mijn limonade liever niet té zoet wou hebben, besloot ik om niet af te gaan op bestaande internet recepten. Normaliter zou je voor de limonade namelijk gelijke delen citroensap, suiker en water gebruiken, maar ik heb dus ongeveer de helft minder suiker gebruikt. Voor dit recept heb je vier citroenen nodig (die krengen zijn nog best duur ook!), ongeveer 100 gram suiker, en 100ml water. Dit is dus het recept voor de “siroop” als het ware, hier moet nog extra water aan toegevoegd worden bij het serveren.


De citroenen pers je uit. Omdat ik citroenrasp altijd wel kan gebruiken in de keuken raspte ik ook alle citroenschillen en gooide dit in een zakje in de koelkast, want weggooien is ook zonde. De suiker verwarm je in het water in een klein steelpannetje, net zolang totdat het opgelost is. Ik gebruikte hiervoor lichte bastardsuiker, omdat ik deze suiker lekkerder vind. Hierdoor is mijn limonade dus ook wat donkerder dan wanneer je kristalsuiker zou gebruiken. Wanneer de suiker helemaal is opgelost meng je alles bij elkaar in een grote kan, en klaar is kees. Zo simpel is het. Laat het natuurlijk eerst even afkoelen in de koelkast. Serveer met een takje munt, citroenschijfje, ijsblokjes en een rietje voor het perfecte zomerdrankje. Cheers!

Lemon vector designed by Freepik

Publicatie in Digifoto Starter Magazine!

Afgelopen weekend viel de nieuwste editie van Digifoto Starter op de mat! Super leuk natuurlijk, want het magazine staat deze maand vol met ontzettend leuke artikelen. En ik ben best wel moeilijk met fotografie-gerelateerde artikelen. Ik vind de meeste namelijk al snel saai, en van de nieuwste technische snufjes ben ik ook niet. Maar ik was blij verrast toen ik deze editie in keek! En niet alleen omdat ‘ie gewonnen was… En ook niet alleen omdat ik toevallig ook in deze editie sta…

Nee, meer omdat ze een mega groot artikel hebben geschreven over held Benjamin Von Wong. Hij en zijn werk zijn zó ontzettend gaaf, en ik vind het heerlijk om hem te volgen op Instagram en YouTube! Ook staat er een mooi interview in met onderwater fotograaf Noushta Koeckhoven. Ik kende haar nog niet, maar wauw!, wat een prachtige plaatjes schiet zij. Daarnaast staat er heel veel leuks in over reisfotografie, en daarmee kan ik ook heerlijk wegdromen bij mooie plaatjes in de zon!

Oké, genoeg over anderen. Laten we het over mij hebben. Ha, nee, gekheid daargelaten: in deze editie vind je ook één van mijn kiekjes tussen al deze meesterlijke foto’s. Een foto die ik weliswaar lang geleden maakte, maar die ik nog steeds heel mooi vind! Deze foto maakte ik twee jaar geleden in de dierentuin in Emmen. Nu je in het nieuwe Wildlands park niet meer zo dicht bij de dieren kan komen, ben ik blij dat ik toentertijd echt mijn tijd heb genomen om met mooie foto’s thuis te komen. Deze leeuwenkoning vind ik erg mysterieus, zo met zijn lichaam in het donker en enkel zijn hoofd en poten verlicht.

Digifoto Starter heeft een online community waar lezers van het blad hun foto’s kunnen uploaden. Niet alleen lichtten ze de beste foto’s uit op hun site en social media, ook kan je foto geplaatst worden in het magazine in de rubriek “Lezersfoto¨. En da’s dus bij mij gebeurt. Heel erg leuk! Een account aanmaken is trouwens gratis, dus als jij ook kans wilt maken op publicatie zou ik heel snel een profiel aanmaken! Het magazine Zoom werkt met een soortgelijke aanpak, trouwens.



Kat en Muis

Het is vrijdagmiddag en het is prachtig weer. Hoewel het zonnetje de hele dag achter de wolken blijft hangen is het warm en windstil. Ik ontmoet mijn model op het centrale station van een vreemde stad, en samen pakken we de bus naar het park waar we de komende twee en een half uur zullen vertoeven. We houden het lekker simpel: weinig make-up, een paar outfits die passen bij het seizoen, en eenvoudige maar krachtige poses.
Ze vertelde me dat het haar eerste keer voor de camera was, maar daar zag ik niks van terug. Natuurlijk was het begin onwennig, maar haar uitstraling en geoefende poses beaamden al snel dat we het hier hebben over een top modelletje in de dop. “Je weet zeker dat dit je eerste keer is?!” Vroeg ik, en ze knikte blij. Blij dat ik blij met haar was, en trots op zichzelf. Steeds meer begon ze verschillende blikken en poses te proberen, en steeds meer durfde ze.
Het was niet ontzettend druk op de brug. De grote, stalen constructie kaatste af tegen de organische vormen van de natuur eromheen. Ruig, stoer, groots. Precies waar wij op zoek waren. Met hoogtevrees en een jeugdtrauma voor bruggen stond ze daar gewoon: poserend zo dicht langs de weg dat de voorbijrazende auto’s haar haren lieten opwaaien. Stoer wijf.
Helaas was ik niet de enige die onder de indruk was van mijn model. Een stel tieners fietste voorbij. “Oeh la la” zei er één, waarop de anderen begonnen te giechelen. Fluiten naar meisjes in groepsverband is natuurlijk het leukste wat er is wanneer je een tienerjongen bent. Een auto raast langs en toetert een paar keer. De man, kalend en oud genoeg om haar vader te zijn, roept wat onverstaanbaars naar het model.
We hoeven niet te horen wat hij zegt om het te begrijpen. Ik zie het in haar ogen. De manier waarop haar sterke blik afzwakt, haar wenkbrauwen licht naar beneden zakken, en haar mond in plaats van ontspannen stijf dicht geperst wordt.
Een tweetal jongens komt aangefietst. Eén van de jongens fluit. De ander roept: “sexy hoor!” Ik kijk haar aan en zonder iets te zeggen denken we hetzelfde. Het is een stille geruststelling. Een “laat maar, ze gaan wel weg,” of een “jongens ook altijd, hè.”
Het was haar eerste keer voor de camera. En het zelfvertrouwen wat wij stukje voor stukje hebben opgebouwd wordt met één opmerking vernietigd. Ze haalt haar schouders op, en ik zucht. “Laten we maar naar het park gaan,” stel ik voor.



Het is zaterdagochtend en het is prachtig weer. Hoewel het kouder is dan gister, en de zon zich nog steeds niet laat zien, is het een perfecte dag voor een fotoshoot. Soms komt er een zachte windvlaag voorbij, en de kleine drupjes regen laten het naar de zomer ruiken. Ik wacht bij de bushalte op mijn model en bevriende collega fotografe. Het is haar eerste keer voor de camera, maar al snel zitten we goed in het ritme. We beginnen in een wat verlaten steegje, met prachtige grote herenhuizen. De witte muren en verschillende kleuren bakstenen doen haast Frans aan, en die Parijse elegantie is precies waar we voor gaan. Op één van de huisjes groeit een prachtige klimop tegen de gevel. We zijn op slag verliefd en zetten ons model pal in de groene goedheid. Het plaatje wordt romantisch. Ik en mijn collegaatje staan voor een open garage, waar een man staat te rommelen. Hij merkt ons op (kan ook haast niet anders, we kakelen de hele buurt wakker) en neemt een kijkje. “Zijn jullie aan het fotoshooten?” Vraagt hij. We knikken.

“Yes,” zeg ik, “we hebben hier een mooi plekje gevonden!”

“Wat leuk zeg,” gaat de man verder, en hij glimlacht vriendelijk, “en dat allemaal vanwege de klimop?” Ik knik weer. “Ja, het is echt een heel fotogeniek huisje zo.”

“Dat is goed om te horen!” Zegt hij, voordat hij zich weer omdraait en verder gaat met klussen. Het huisje zal waarschijnlijk wel van hem zijn.

Onze laatste look is een zwarte jumpsuit, welke we fotograferen op de trappen van een stijlvol oud gebouw. Het duurt even voordat we de kunst van het “als een model van de trap af lopen” onder de knie hebben… Het is namelijk best moeilijk om tegelijkertijd van grote treden naar beneden te zakken, genoeg tijd te geven aan de fotografen voor een sierlijke foto, én niet naar beneden te kijken… of vallen.
Het model werpt een geïrriteerde blik rechts van ons. Een oude man, die met zijn grijze haren en onverzorgde uiterlijk op een dakloze alcoholist lijkt, staat haar aan te gapen vanaf zijn fiets. Letterlijk met zijn mond open. “Méér sexy kijken!” Roept hij. Ik heb er genoeg van. Zijn opmerking, respectloos en onuitgenodigd, is de laatste druppel. “DOORFIETSEN!” Schreeuw ik naar hem. Hij schrikt en kijkt me schaapachtig aan. Mijn collega fotografe schrikt en onderdrukt een lachje. Mijn model schrikt en komt naar ons toegelopen. Zelfs ik schrik, maar ik weiger oogcontact met die lul te verbreken. “Dat maak ik zelf wel uit,” mompelt hij. Maar toch stapt hij op zijn fiets. “Jullie zijn vast geen goede fotografen!” Roept hij ons nog na terwijl hij doortrapt.

Ik lach een beetje, en de rest van het team lacht ongemakkelijk met me mee. Maar het is helemaal niet om te lachen. Het is diep triest.